gemenebest
Uiterlijk
- Geluid: gemenebest (hulp, bestand)
- IPA: / ɣəˌmenəˈbɛst / (4 lettergrepen)
- ge·me·ne·best
- samenstelling van gemene bn "gemeenschappelijk" en best zn "perfecte toestand" , dus "datgene wat het beste is voor iedereen", oorspronkelijk geschreven als woordgroep "gemeene best"; in de betekenis van ‘republiek’ aangetroffen vanaf 1624 [1] [2] [3]
Dit is een leenvertaling van Latijn res publica, vergelijkbaar met Duits Gemeinwohl en Engels commonwealth, zij het met een deels verschillende betekenis.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | gemenebest | gemenebesten |
| verkleinwoord |
het gemenebest o
- gemeenschap van onafhankelijke landen
- gemeenebest (officiële spelling tot 1935 in Nederland en 1946 in België)
1. gemeenschap van onafhankelijke landen
- Het woord gemenebest staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "gemenebest" herkend door:
| 82 % | van de Nederlanders; |
| 82 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ gemenebest op website: Etymologiebank.nl
- ↑ "gemenebest" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 82 %
- Prevalentie Vlaanderen 82 %