Honorius (keizer)
| Honorius | ||||
|---|---|---|---|---|
| Geboortedatum | 384 | |||
| Sterfdatum | 423 | |||
| Tijdvak | Theodosiaanse dynastie | |||
| Periode | 395-423 | |||
| Voorganger | Theodosius I | |||
| Opvolger | Iohannes | |||
| Staatsvorm | Dominaat | |||
| Medekeizer | Theodosius I (379-395) Arcadius (383-408) Eugenius (392-394) (tegenkeizer) Constantijn III (407-411) (tegenkeizer) Constans II (409-411) Maximus (409-422) (tegenkeizer) Theodosius II (408-450) (oosten) Priscus Attalus (409-410, 414-415) (tegenkeizer) Iovinus (411-413) (tegenkeizer) Sebastianus (412-413) (tegenkeizer) Constantius III (421) | |||
| Persoonlijke gegevens | ||||
| Naam bij geboorte | Flavius Honorius | |||
| Naam als keizer | Flavius Augustus Honorius | |||
| Zoon van | Theodosius I | |||
| Broer van | Arcadius Galla Placidia Constantius III (schoon-) | |||
| Oom van | Theodosius II Valentinianus III | |||
| Romeinse keizers | ||||
| ||||
Flavius Honorius (384 - 423) was keizer van West-Romeinse Rijk van 395-423. Al vanaf 393 droeg hij de titel van medekeizer naast zijn vader Theodosius I. Na diens dood in 395 regeerde hij van 393 zelfstandig over het westelijke deel van het rijk, terwijl zijn ouder broer Arcadius het oosten bestuurde. Honorius geldt doorgaans als een zwakke en weinig doortastende heerser, onder wiens bewind het West-Romeinse Rijk ernstig verzwakte.[1]
Keizerschap
[bewerken | brontekst bewerken]Bij zijn troonsbestijging was Honorius nog een kind, waardoor de feitelijke macht in handen kwam van zijn voogd en opperbevelhebber, Stilicho. Om deze machtspositie te consolideren, werd Honorius in 398 uitgehuwelijkt aan Stilicho’s dochter Maria. Volgens de historicus Zosimus zou dit huwelijk nooit zijn geconsummeerd.[2] Na de Gotische oorlogen van 402–403 werd het keizerlijk hof verplaatst van Milaan naar het beter verdedigbare Ravenna.
Het bewind van Honorius werd gekenmerkt door toenemende externe en interne druk. De invasie van Radagaisus in 405–406 kon slechts met moeite worden bezworen. Het jaar daarop volgend, bij de Rijnoversteek, staken barbaarse groepen, waaronder Vandalen en Alanen, de Rijn over en drongen Gallië binnen. Kort daarna, in 407, riep Constantijn III zich in Britannia uit tot keizer, wat het begin markeerde van de langdurige Romeinse burgeroorlog (407-415).[3] In datzelfde jaar overleed Maria, waarna Honorius in 408 hertrouwde met haar zuster Thermantia.
Datzelfde jaar vormde een keerpunt. Na de dood van Arcadius ontstonden geruchten dat Stilicho zijn eigen zoon op de oostelijke troon wilde plaatsen. Honorius reageerde hierop door Stilicho en diens zoon te laten executeren en zijn huwelijk met Thermantia te ontbinden.[4] Hiermee verloor hij zijn meest capabele generaal en politieke steunpilaar.
De daaropvolgende jaren waren bijzonder crisisgevoelig. In 410 werd Rome geplunderd door de Goten onder leiding van Alarik I, een gebeurtenis die diepe indruk maakte op tijdgenoten. [5] Honorius’ nieuwe sterke man, Constantius III, wist geleidelijk de controle te herstellen. De usurpatoren Constantijn III, Maximus, Jovinus en Heraclianus werden uiteindelijk verslagen, en de Rijngrens herstelt door met sommige Germaanse groepen, zoals de Bourgondiërs overeenkomsten te sluiten.
De Goten bleven echter een belangrijke factor. Zij vestigden zich in Zuid-Gallië en steunden de tegenkeizer Priscus Attalus. Tijdens deze onrustige periode werd Honorius’ halfzuster, Galla Placidia, gevangengenomen en uitgehuwelijkt aan de Gotische koning Athaulf. Na diens dood in 415 trouwde zij met Constantius III, met wie zij een zoon kreeg: Valentinianus III, de latere opvolger van Honorius.[6]
Na de dood van Constantius in 421 verslechterde de situatie opnieuw. Spanningen tussen Honorius en Galla Placidia leidden ertoe dat zij met haar zoon naar Constantinopel vluchtte. [7] Toen Honorius in 423 kinderloos stierf, kwam er een einde aan zijn lange maar ineffectieve regering. Zijn opvolger werd de hofbeambte Johannes, die echter al in 425 door troepen uit het oosten werd afgezet ten gunste van Valentinianus III.[8]
Oordelen over Honorius
[bewerken | brontekst bewerken]
De balans van de regering van Honorius opmakend schreef de historicus J.B. Bury: "Zijn naam zou zijn vergeten als een van obscuurste bezitters van de keizerlijke troon, ware het niet dat zijn bewind samenviel met de fatale periode waarin West-Europa van de Romeinen in handen kwam van de Teutonen." Na een opsomming van de rampen die tijdens Honorius' bestuur van 28 jaar hadden plaatsgevonden komt Bury tot de conclusie dat Honorius "zelf niets noemenswaardig ondernam tegen de vijanden, die zijn rijk bedreigden, maar persoonlijk buitengewoon veel geluk had gehad om de troon te blijven bezetten totdat hij een natuurlijke dood stierf, terwijl hij getuige was van de ondergang van een veelheid aan usurpatoren die tegen zijn bewind in opstand waren gekomen."[9]
Procopius
[bewerken | brontekst bewerken]
In zijn Geschiedenis van de oorlogen komt Procopius met een verhaal (dat Gibbon overigens niet geloofde) dat bij het horen van het nieuws dat Roma was "omgekomen", Honorius in eerste instantie geschokt zou hebben gereageerd. Hij dacht dat het nieuws betrekking had op zijn favoriete haan, deze had ook de naam "Roma".
"Op dat moment zegt men dat keizer Honorius in Ravenna het bericht ontving van een van de eunuchen, klaarblijkelijk de eunuch die verantwoordelijk was voor het pluimvee, dat Roma was omgekomen. Hij riep toen: 'En hij heeft net nog uit mijn handen gegeten!' Want hij had een zeer grote haan, met de naam Roma. De kamerling die de vergissing begreep merkte op dat de stad Roma ten onder was gegaan tegen Alarik. De keizer slaakte een zucht van verlichting en antwoordde snel: "Maar ik dacht dat mijn haan Roma was omgekomen". Zo groot, zeggen zij, was de dwaasheid van deze keizer."
— Procopius, De Vandaalse oorlog III 2.25-26.
- Voetnoten
- ↑ Orosius, Historiae adversus paganisme VII.42
- ↑ Zosimus, Historia Nova V.28
- ↑ Zosimus, VI.2.3
- ↑ Zosimus, V.32-34; Olympiodorus, Fragmenten 3
- ↑ Orosius, VII 39-40
- ↑ Sozomenus, Historia Ecclesiastica IX.13
- ↑ Sozomenus, IX.13
- ↑ Prosper s.a. 423-425
- ↑ John Bagnall Bury, History of the Later Roman Empire, 1923 (New York, Dover, 1958), p. 213
- Literatuur
- Drinkwater, J.F.The Usurpers Constantine III (407-411) and Jovinus (411-413), in Britannia, Vol. 29 (1998), pp. 269-298
- Adrian Goldsworthy (2009), De val van Rome, Ambo-Amsterdam
- Jones, Arnold Hugh Martin, John Robert Martindale, John Morris, The Prosopography of the Later Roman Empire, deel 2, Cambridge University Press, 1964, ISBN 0-521-20159-4
- Kulikowski, Michael (1998), The end of Roman Spain, University of Toronto
- Kulikowski, Michael (2000), Barbarians in Gaul, Usurpers in Britain, in Britannia, Vol. 31 (2000), pp. 325-345.